Maasburen.nl

Inloggen of inschrijven

Janny Verdonk (bijna vrijwilligster van beroep, deel 2)



Janny’s man Jaap kwam uit Zaandam. Daar had zijn vader een molen, ‘De Kat’ genaamd; deze staat nu op de Zaanse Schans (zie foto). In 1958 is de familie naar Molenhoek verhuisd. Jaap werkte bij zijn vader in de ertsmalerij, de fabriek die vanaf dat jaar in Molenhoek aan de spoorlijn Maastricht-Nijmegen stond omdat het transport van grondstoffen naar ijzergieterijen hier beter was dan in het westen.

Vanuit Rotterdam werd antraciet aangevoerd; dat werd gemalen - ‘zo fijn als Buisman’, zegt Janny . Het gemalen product (steenkoolpoeder) was nodig in de gieterijen (b.v. voor de fabricage van deksels voor water- en rioolputten) . Het poeder zorgde er voor dat het ijzer los van het zand in de mal bleef. In de gieterijen was ook een speciaal soort zand nodig en dat zat bijvoorbeeld in de grond bij Tegelen, Terborg (Achterhoek) en Bergen op Zoom, vandaar dat daar veel gieterijen voorkwamen.  Het steenkoolpoeder ging aanvankelijk in zakken van 50 kilo – daarna in vrachtauto’s - en dat werd vervoerd naar de gieterijen. Later werden chemische middelen gebruikt en verdween de ertsmalerij in Molenhoek (in 2000). Ook de strengere milieueisen waren mede een reden om te stoppen. Bovendien werden ook steeds meer huizen gebouwd in de omgeving van de fabriek en de bewoners klaagden vaak over geluidsoverlast, zeker in de ochtend als Jaap de aggregaten startte om 07.00 uur. Dat opstarten werd vanwege die geluidsoverlast verlaat tot half acht. Een vreemde gang van zaken. Het is net als op het platteland. Als je gaat wonen naast b.v. een varkenshouderij moet je niet gaan klagen over stankoverlast. Dan had je ergens anders moeten gaan wonen. Of zoals Janny anekdotisch vertelt: ‘Ik heb ook nog vijf jaar hier op de basisschoolschool De Grote Lier gezeten. Tussen de middag gingen de kinderen even naar buiten, lekker spelen. Komt er een mannetje voorbij die vroeg of de kinderen niet stiller konden zijn, omdat er in de buurt mensen wonen’.

 Tegenover huize Linquenda (in het nu verwaarloosde huis op het einde van de Stationsstraat) zat vroeger Van Gend & Loos. Die kwam regelmatig pakjes brengen en halen. Transportbedrijf Vos uit Mook vervoerde ook veel voor de fabriek.

 In 1965 ontstond een grote brand in de fabriek als gevolg van werkzaamheden aan het dak. Een machinist van een voorbijrijdende goederentrein zag dat er brand was; hij wist waar de familie Verdonk woonde en trok meteen aan de bel. Jaap had in die tijd een rode MG (zie vorige aflevering), die bij de fabriek stond. Die gooide hij vol met papieren van de administratie om die veilig te stellen. Tijdens de bluswerkzaamheden verbrandde Jaap een stukje van zijn long maar de schade aan de fabriek bleef beperkt tot een verbogen machine. Dat schoonvader Jan driftig kon worden bleek de volgende dag toen mensen van de verzekering zich bij hem vervoegden en hem vroegen of hij onlangs de verzekeringspremie had verhoogd. Woest was hij. ‘De hele nacht niet geslapen en dan krijg je zoiets op je dak’, zegt Janny.

 De  fabriek  had niet erg veel personeel, want heel veel ging automatisch.

Jaap had 2 man personeel in vaste dienst en enkele jongens uit een tehuis uit Groesbeek, die enige begeleiding nodig hadden. Die jongens deden erg hun best en kregen af en toe een extra zakcentje. 

 Reeds in 1996 werd gestopt met ertsmalen omdat er haast geen handel meer was in deze grondstoffen. In 2000 is de fabriek gesloten en werd het pand met de loodsen verhuurd: het werd een stalling voor caravans. De sluiting van de fabriek ging Jaap zo aan het hart dat hij daarna niet één voet meer over de drempel heeft gezet. ‘Ik heb de fabriek van mijn vader naar de verdommenis geholpen’ zei hij. Jaap heeft het er dus erg moeilijk mee gehad. Zoon Jan-Jaap had er dolgraag willen werken, maar kreeg het vaderlijk advies om toch maar een ander beroep te kiezen.

 Jaap is helaas slechts 72 jaar geworden; hij is in 2009 overleden aan darmkanker. 28 Maart werd het ontdekt en 3 maanden later op 16 juli  is hij overleden. Voor de Verdonkjes was dat oud volgens Janny want ze hadden het allemaal aan hun hart. Janny kon je na zijn overlijden opvegen, want ze woog nog geen 50 kilo.

Korte tijd later besloot zij kleiner te gaan wonen. Zij voelde zich in huize Linquenda niet meer zo veilig, ook mede door de komst van het station en de toenemende drukte daaromheen. Ze had geen zin in een appartement en woont sinds 2011 in de Passionistenstraat. 

 

(wordt vervolgd)

 



Browser niet ondersteund
Je browser wordt helaas niet ondersteund. Hierdoor kan het zijn dat sommige onderdelen van de site niet volledig werken. Lees hier meer over welke browsers we ondersteunen of update je browser.